Beroepsvisserij
Op het Pannerdensch Kanaal en een stukje van de Neder-Rijn zijn nog steeds beroepsvissers actief. Ongeveer zes gezinnen verdienen hun brood met het vissen op paling. Twee keer per jaar varen de vissers met een elektrisch schepnet langs de oevers om de paling te vangen.
De paling houdt zich hoofdzakelijk schuil tussen de stortstenen rond de kribben. Met elektrische stroomstoten worden de palingen verdoofd waardoor ze boven komen drijven. Met een snelle slag vangt de visser vervolgens de grote exemplaren en laat de kleine zwemmen.
Alleen ‘rechthebbenden’ mogen gebruik maken van netten en fuiken. Het zogenaamde aalrecht wat hiervoor nodig was, kon men op verschillende manieren verkrijgen. De vissers op het Pannerdensch kanaal hebben hun recht “gekocht” op de openbare Domein in 1842. Toen werd op last van Koning Willem I voor een groot aantal openbare wateren de visrechten bij opbod verkocht. De namen van de kopers en hun rechtsopvolgers staan nog steeds genoteerd op leggers van de Dienst der Domeinen en het Kadaster. Met deze aankoop van de visrechten kregen de vissers een eeuwig durende visvergunning in handen.
Sportvissers mogen overigens niet zomaar hun hengeltje uitgooien in het kanaal. Om te mogen vissen heeft een sportvisser een schriftelijke toestemming nodig van de visrechthebbende. Sportvissers met de zogenaamde Kleine VISpas mogen aan het openbare vaarwater vissen, mits de visrechthebbende de visrechten heeft opengesteld in die Kleine VISpas. Om op het kanaal te mogen vissen heeft de sportvisser schriftelijke toestemming nodig van:
A) Pannerdensche Kop – Uitlaat Kandia: HSV Lotus Vulgaris Doornenburg
B) Uitlaat Kandia – Looveer: HSV Sint Petrus Huissen óf VISpas óf Kleine VISpas
C) Looveer – IJsselkop: VISpas óf Kleine VISpas